Image Alt

Katten Blog

 / Gedragsproblemen  / Gedragsobservatie van je kat, zo werkt het

Gedragsobservatie van je kat, zo werkt het

Een gedragsobservatie van je kat is nodig wanneer je er zelf niet in slaagt om erachter te komen waarom je kat nu precies doet wat hij doet. Wanneer een kat niet lekker in zijn vel zit, en zich ongewenst of vreemd gedraagd dan is daar een reden voor. Er zullen bepaalde dingen zijn die de kat aanzet om zich op een bepaalde manier te gedragen. En om een gedragsprobleem op te lossen is het allerbelangrijkste om erachter te komen wat het gedrag veroorzaakt. En wat ervoor zorgt dat de kat zich ook zo blijft gedragen.

Pas als dit bekend is kan je naar een goede, blijvende oplossing zoeken. Wanneer je de kattengedragstherapeut van Lekker in je Vacht inschakelt voor hulp, voert deze een gedragsobservatie aan huis uit. Tijdens een gedragsobservatie (van 2 uur) wordt er zowel naar het normale gedrag van de kat, als naar het probleemgedrag gekeken. Tijdens de observatie worden er feiten verzameld door heel goed te kijken naar de kat zijn gedrag, lichaamstaal en houding. En worden er enkele gedragstesten uitgevoerd. Tijdens een gedragsobservatie wordt er bij ons naar het volgende gekeken:

  • Hoe is het gedragsprobleem van de kat ontstaan? (ontstaansmechanisme)
  • Welk gedrag vertoont de kat precies?
  • Op welke momenten vertoont de kat het gedrag (waar, hoevaak, wanneer)
  • Op welke plekken vertoont de kat het probleemgedrag
  • In welke situaties vertoont de kat het probleemgedrag
  • Wie of wat beïnvloedt de kat zijn gedrag?
  • Wat speelt zich binnenin de kat af?

Bij welke gedragsproblemen is een gedragsobservatie van de kat nodig?

Onze ervaring is dat kattenbaasjes het lastig vinden om te bepalen wanneer een probleem simpel is, en wanneer er meer hulp nodig is. Het grote verschil zit hem eigenlijk in de ernst van het probleem en hoelang dit al duurt. Er kan namelijk altijd iets gebeuren waardoor een kat tijdelijk even uit zijn doen is. Bijvoorbeeld wanneer een kat erg geschrokken is. Meestal gaan deze problemen binnen enkele dagen weg. Een kat die lekker in zijn vel zit kan prima terugveren van een vervelende situatie. 

Heeft je kat langer dan 2 weken last van een probleem? Is er niets wat goed helpt om het probleem langzaam te verminderen? Dan is er waarschijnlijk meer aan de hand en is een gedragsobservatie nodig. Een gouden tip zal dan niet genoeg zijn.

Bijvoorbeeld wanneer je kat al langer dan 2 weken last heeft van de volgende gedragsproblemen:

  • Plassen/poepen in huis
  • Agressie
  • Ruzie tussen katten
  • Depressie
  • Verlatingsangst
  • Pica (sabbelen/zuigen/likken of opeten van oneetbaar materiaal)
  • Angst
  • Voedselobsessie

Een gedragsobservatie van je kat is nodig om te achterhalen wat er achter het probleemgedrag zit

Er is sprake van een gedragsprobleem bij de kat, wanneer het gedrag vaak en gedurende langere tijd voorkomt en nadelige gevolgen heeft voor zichzelf of zijn omgeving. Als richtlijn kun je er vanuit gaan dat als de kat het wekelijks of vaker doet, er sprake is van een gedragsprobleem. Gedragsproblemen leiden vaak tot grote frustratie bij kattenbaasjes. Echter, gaan gedragsproblemen ook meestal hand-in-hand met vervelende gevoelens (stress/angst) bij de kat zelf. Meestal is er niet één oorzaak voor een gedragsprobleem aan te wijzen, maar gaat het om een samenspel van verschillende factoren. Elke kat met een gedragsprobleem heeft een eigen recept aan factoren die hem motiveren om zich op een bepaalde manier te gedragen.

Het is daarom niet altijd makkelijk te achterhalen waar je kat mee rondloopt, als hij ongewenst gedrag vertoont. Het is wel goed en ook belangrijk dat je inziet dát er iets achter dit gedrag zit, wat ervoor zorgt dat hij niet lekker in zijn vel zit. Het komt ergens vandaan. Emotionele problemen vormen vrijwel altijd de basis voor het gedrag dat door baasjes als hinderlijk of zelfs bedreigend wordt ervaren. Erkenning voor die onderliggende emoties is van enorm belang voor het helpen van katten die gedragsproblemen laten zien.

Zeker als een kat ineens – of steeds vaker – ander gedrag (teruggetrokken of juist meer aanwezig) laat zien, is het goed om uit te zoeken wat erachter kan zitten. Dat lukt misschien alleen en anders kun je samen met een kattengedragstherapeut op onderzoek uit.

Tijdens de gedragsobservatie worden risicofactoren en beschermende factoren in kaart gebracht

Elke kat is anders omdat elke kat in een andere leefomgeving opgroeit met zijn eigen positieve en negatieve ervaringen en in aanraking komt met andere mensen en dieren. Daarnaast speelt de aard en aanleg van de kat een rol. Op elk moment in het leven van de kat, wordt een unieke combinatie van emoties, ervaringen, gevoelens, vaardigheden en karaktereigenschappen gevormd. Als gevolg hiervan reageert iedere kat anders op een bepaalde situatie. Waar de ene kat visite als erg prettig kan ervaren en vriendelijk reageert naar bezoek, kan een andere kat in dezelfde situatie erg angstig worden en het bezoek aanvallen. Dit wordt bepaalt door de beschermende- en risicofactoren van je kat.

Beschermende en ondermijnende factoren voor welbevinden van je kat

De aard van bovengenoemde factoren bepaalt of ze het welbevinden van de kat ondermijnen of beschermen. Wanneer factoren het welbevinden van de kat ondermijnen noemen we dit risicofactoren.  Als verschillende risicofactoren gelijktijdig of achtereenvolgens optreden, kunnen ze elkaar versterken, waardoor de kans op problemen groter wordt. In het geval ze het welbevinden juist beschermen, noemen we het beschermingsfactoren. Er ontstaan gedragsproblemen wanneer de beschermingsfactoren onvoldoende tegenwicht kunnen geven aan de risicofactoren.

De eerste stap is om in kaart te brengen welke huidige factoren het ongewenste gedrag in stand houden, verergeren of verbeteren. Zowel de beschermende- als de risicofactoren worden daarom in kaart gebracht tijdens een gedragsobservatie.

Risicofactoren waarvan bekend is dat ze de kans op het ontwikkelen van een gedragsprobleem verhogen zijn:
  • Te vroeg uit het nest (voor 12 weken)
  • Op straat of in een asiel/opvang opgegroeid
  • Afkomstig van een gestreste moederpoes
  • Trauma of ernstige ziekte
  • Stressgevoelig ras
  • Verandering van gezinssamenstelling (overlijden, geboorte, nieuwe partner)
  • Komst of verlies van andere kat(ten)
  • Veranderingen in of van de leefomgeving (verhuizing, verbouwing, uit logeren gaan)
  • Veranderingen in de routine van de kat (spelen, eten, aandacht)
  • Ontoereikende leefomgeving voor natuurlijk gedrag
Beschermingsfactoren die de kans op het ontwikkelen van gedragsproblemen tegengaan:
  • Als kitten minimaal 12-13 weken opgegroeid in een geschikte leefomgeving in het bijzijn van moeder en nestgenootjes
  • Afkomstig van een rustige, ontspannen moederpoes
  • Een stimulerende, uitdagende leefomgeving die natuurlijk gedrag mogelijk maakt
  • Voorspelbare en controleerbare leefomgeving
  • Mogelijkheden om prettig sociaal contact te hebben met soortgenoten

Tijdens de gedragsobservatie wordt bepaalt om welk type gedragsprobleem het precies gaat

Van sommige gedragsproblemen bestaan verschillende vormen. Wanneer een kat bijvoorbeeld in huis plast, maken we onderscheid tussen sproeien en plassen. De functie van sproeien en plassen is voor de kat heel anders en daarmee kennen ze beide ook andere oorzaken en oplossingen. In het geval van een gedragsprobleem dat verschillende vormen kan aannemen zal er tijdens de gedragsobservatie van de kat altijd worden bepaald van welke vorm precies sprake is.

Er wordt tijdens de gedragsobservatie gekeken op welk moment de kat het gedrag laat zien

Gedrag is context afhankelijk. Dat betekent dat gedrag betekenis krijgt door de plek, het moment en in welke situatie de kat het laat zien. Wanneer de deurbel gaat kan dat voor de ene kat een aankondiging zijn dat opa en oma langskomen die altijd wat lekkers voor de kat meenemen. Bij deze kat zal het horen van de deurbel fijne gevoelens oproepen.

Voor een andere kat kan de deurbel betekenen dat de dierenarts hem komt onderzoeken. Wanneer de kat heeft geleerd dat de dierenarts  vervelende dingen doet, kan hij de deurbel koppelen aan iets vervelends. Deze kat zal zich misschien angstig voelen wanneer de deurbel gaat.

In het eerste geval zal de kat blij en enthousiast reageren op de deurbel, in het tweede geval kan de kat bang reageren op dezelfde deurbel. Tijdens een gedragsobservatie wordt de context waarin het gedrag plaatsvindt dan ook bestudeerd.

Er wordt geobserveerd wie of wat de kat zijn gedrag beïnvloedt

Het gedrag van de kat wordt beïnvloedt door hoe jij als kattenbaasje met hem omgaat. Jij bepaalt bijvoorbeeld wat en wanneer de kat eet. Sommige mensen straffen de kat wanneer hij iets doet wat niet mag, ook daar reageren katten op. Kleine kinderen gaan weer anders om met katten dan volwassenen. En ook andere katten en dieren in de leefomgeving van de kat beïnvloeden hoe de kat zich gedraagt. Daarom kijken we tijdenseen  gedragsobservatie ook naar alle belangrijke individuen in de directe leefomgeving van de kat.

Er wordt gekeken naar hoe de kat zich voelt 

Wanneer je kat een probleem heeft, zou je je eigenlijk moeten afvragen: ‘wat zegt het gedrag aan de buitenkant over hoe mijn kat zich voelt van binnen’. Wat je kat binnenin voelt zijn emoties en behoeftes. Hoe meer je als kattenbaasje op die emoties en behoeftes kan aansluiten, hoe beter de kat in zijn vel zit. Nu is het niet altijd makkelijk of duidelijk uit het gedrag van je kat af te leiden hoe hij zich voelt en wat hij dus nodig heeft. Katten geven namelijk geen duidelijk herkenbare signalen af waaruit je kunt afleiden hoe hij zich voelt. Hiervoor moet je de kat zijn lichaamstaal en houding goed kunnen lezen. En dit vervolgens weer koppelen aan de context (dus wat de kat doet op een bepaalde plek/moment/of in een bepaalde situatie).

De kattengedragstherapeut van Lekker in je Vacht is getraind in het herkennen van angst/stress signalen en het begrijpen van lichaamstaal en houding wat inzicht kan bieden in hoe de kat zich voelt. Hierdoor kunnen wij dit precies voor je in kaart brengen:

  • Waar (op welke plek) de kat zich angstig/gestrest voelt
  • Of in welke situatie de kat zich angstig/gestrest voelt
  • En ook wanneer de kat zich niet fijn voelt

Vragen of hulp?

Wanneer je een gedragsprobleem herkent in je kat en je wil je eigen situatie voorleggen, dan kun je altijd contact opnemen via het servicegebied. We hebben voor alle soort vragen – van simpel tot ingewikkeld – de juiste vorm van hulp.

Denise van Lent
Volg mij
Laatste berichten van Denise van Lent (alles zien)

Post a Comment

Consecte libero id faucibus nisl tincidu. Magna etiam tempor orci lobor faculs lorem ipsum.

Instagram feed

Inhoud mag niet worden overgenomen zonder toestemming